HISTORIE

ALGEMEEN


De geschiedenis van graffiti gaat helemaal terug tot het begin van de mensheid waar in de prehistorie mensen al muurschilderingen achterlieten in grotten. Ook in het oude Rome en in Pompeï zijn muurschilderingen gevonden. Veel van wat historici en archeologen weten over de geschiedenis van oude culturen, werd geleerd van het schrijven wat ontdekt was op muren. Graffiti heeft archeologen zoveel inzicht gegeven dat er een woord voor is ontstaan: ‘Graffito’, het schrijven of krassen op een muur of oppervlak. Zo zijn door de hele geschiedenis van de mensheid vondsten gedaan waaruit blijkt dat mensen de behoefte hebben om een boodschap achter te laten, territorium af te bakenen of gewoon om te laten zien dat je er bent. De technieken zijn misschien anders maar de behoefte om graffiti op muren in de openbare ruimten achter te laten is er nog steeds.


Ook in Den Haag zijn er door de geschiedenis heen vondsten gedaan waaruit blijkt dat er altijd mensen zijn geweest die op muren hebben geschreven, vooral politiek-maatschappelijk getinte teksten zijn door de geschiedenis heen altijd aanwezig geweest.


1960


Ambtenarenstad Den Haag werd in de vroege jaren zestig opgeschrikt door zo’n dertig nozemgroepen of jeugdbendes. Naast het vele muzikale talent wat Den Haag voortbracht, was het de enige stad in Nederland waar dit fenomeen zich massaal voordeed in die tijd. Deze jeugdbendes kalkten overal in de stad de naam van hun groepen op de muren. Ook begonnen er steeds vaker namen van bands op de muren te verschijnen waarvan Q65 zonder twijfel de bekendste was. Q65 was door de hele stad op muren te vinden, zelfs tot in begin jaren tachtig.


1975


In navolging van de namen van de jeugdbendes en de bandnamen op de Haagse muren werden vanaf midden jaren zeventig door jongeren steeds vaker eigen namen op de muren geschreven. Dit was nog vrij incidenteel en nog niet echt een subcultuur te noemen. Er begon zich echter wel een steeds solistischer manier van schrijven te vormen wat de aanleiding zou zijn voor meer jongeren om zich op deze manier te uiten op de muren van de stad. Vanaf 1976 begon zich een grote subcultuur te vormen van jongeren die hun schrijversnaam overal in de stad achterlieten. De namen werden vaak recht en strak geschreven al dan niet met de toevoeging van het jaartal waarin men begonnen was met schrijven. Ook werden soms de namen van de wijken waar ze vandaan kwamen toegevoegd aan hun naam.


1980


Begin jaren tachtig werd er massaal geschreven in Den Haag, de stad met een hoge werkloosheid, armoede, vandalisme en criminaliteit, een stad die op dat moment bekend stond om zijn verpauperde wijken waar meer slooppanden stonden dan normale huizen. Wat minder bekend is, is dat Den Haag in die periode ook een van de meest volgeschreven steden ter wereld was, waarschijnlijk tot ergernis van de meeste inwoners. 'Schrijven' was voor veel jongeren een uitlaatklep uit verveling, wat uiteindelijk leidde tot een grote subcultuur die overeenkomsten vertoont met de opkomst van graffiti in New York in de jaren zeventig. De concurrentie was groot en de namen werden begin jaren tachtig nog grotendeels recht en duidelijk geschreven maar door de hoeveelheid namen nam, om op te vallen tussen al die namen, de omvang toe en werden er richting midden jaren tachtig steeds vaker allerlei ‘versieringen’ toegepast die de namen onderscheidden van de rest. De manier van schrijven ontwikkelde zich steeds verder. Er ontstonden ook bepaalde schrijversgroepen van schrijvers die uit dezelfde buurt kwamen. Van graffiti zoals we dat vandaag kennen was nog geen sprake, er was geen internet en voorbeelden waren er niet. Graffiti op z'n puurst!